Toeren bouwen 1

via Toeren bouwen 1

Because Of

Geschiedenis van de Groenen

In 1983 vonden er gesprekken plaats tussen CPN, PSP, PPR, EVP en onafhankelijke groenen met het oog op de Europese verkiezingen van juni 1984. De partijen waren aangewezen op samenwerking om de kiesdrempel van 4% te halen.

Op 17 december 1983 vond er een splitsing plaats in dit gezelschap. De onafhankelijke groenen konden zich niet vinden in de koers van de andere partijen en besloten om met een eigen lijst deel te nemen.

Zij richtten daartoe een informele vereniging op met een Uitvoerend Comité als bestuur en een Groene Raad als ledenraad. Voor een beperkt aantal besluiten, zoals statutenwijziging zou deze worden uitgebreid tot een Grote Groene Raad.

De onafhankelijke groenen waren voor een groot deel verenigd in provinciale groene partijen, zoals bijvoorbeeld de “Gelderse Groene Kringlooppartij”.

Op 11 februari 1984 kwam de Groene Raad, met afgevaardigden van provinciale groene partijen als leden, voor het eerst bijeen.

261px-Tchantchès_et_Nanesse_-_Place_Saint-Lambert

Tchantchès en zijn vrouw Nanesse op de Place Saint-Lambert in het centrum van Luik. Tchantchès is een bekend folkloristisch personage uit de République Libre d’Outre-Meuse. Volgens de legende zou Tchantchès in het jaar 760 geboren zijn en veel slechte eigenschappen hebben zoals het drinken van teveel peket (een soort jenever), hij zou de vrijheidsgeest van Outremeuse personifiëren.

De oprichting van deze partij werd gesteund door de milieupartijen Ecolo en Agalev uit België. Samen met hen en enkele andere Europese Groene partijen werd op 31 maart 1984 in Luik de Europese Coördinatie van Groene partijen opgericht.

Oeps, foutje!

Als je het doorhebt en er op gaat letten zie je dat tot die typische sokken als Natuur12 en Wikischim en Lidewij meerdere gebruikers toegang hebben. Ze maken namelijk met de regelmaat van de klok inlogfouten. Kijk maar hier:

Moi Ciell, heb je ook gezaghebbende bronnen om je beweringen te staven? Niet lullig bedoeld hoor maar een verbod op vakantiekiekjes online zetten klinkt als een broodje aap-verhaal. (Niet te verwarren met de tosti aap, die is wel legit.) Natuur12 (overleg) 7 sep 2018 17:18 (CEST)

Ja, wie is dat? Laat zich makkelijk raden, dat is Peter B met zijn moi. En zo betrap je ze vaker. Op Quote een keer. Romaine op het Wikischim account die plotseling aankwam met zijn bekende stijl. Een lantaarnpaal is ook van ijzer=> Ik heb gelijk. Dit gebruikt hij namelijk altijd =>, als enige. En zo heeft iedereen zijn kleine kenmerken, digitale vingerafdrukken. Maar pas op, een slimme troll als de Kolonel weet dat en maakt juist opzettelijk zulke voutjes om verwarring te zaaien. Dat zie ik hem regelmatig doen namelijk. Nou, en dat Ymnes op het Lidewij account zat op Sage lijkt me wel duidelijk met zijn autistische driftbuien, al weet ik niet van wie dat een sok is. Wel is het een sok van een oudgediende, gezien zijn steun bij het behoud van dat artikel van van Dillen en omdat hij nu tegen effe stemt. Hij kent ze dus al lang en de z.g. uitnodiging van Romaine op zijn OP is fake om naar een WMNL meeting te komen. En zo betrap je ze stuk voor stuk. Ook was het grappig te zien dat hij per ongeluk op Moira haar account door ging met zijn Caribbeanproject wat denk ik de reden was dat onze Gooise miep ijlings het wikipand verliet, met meeneming van familie. Althans, dat lijkt die Timmy S mij te zijn gezien zijn username.

En ondanks dat het hier om een gesjeesde advocaat met een sjofel sociaal praktijkje in een van de mindere buurten van Zeist gaat zal hij zich nog net wel beseffen dat dit al naast enorm gênant juridisch op zijn zachts uitgedrukt is niet handig was, en zijn college Ausma zich ernstig verbaast. Op zijn zachts uitgedrukt. En mij eigenlijk ook.

Keurige jongens. Echt, dat waren we daar in Zeist.

Uiteraard bleven we natuurlijk de nette  jongens zoals we waren opgevoed, maar we hadden altijd één groot gebrek, namelijk een chronisch geldgebrek. Werken was immers voor de dommen en dat waren we bepaald niet en uitkeringen had je toen nog niet. Dus wie sterk is moet ook slim zijn. Auto’s moesten we hebben, want natuurlijk liepen we niet en hoe moesten we anders ons hippie leven leiden. Auto’s en (hippie) busjes maakte immers een belangrijk deel uit van de toenmalige hippiecultuur. Maar die kosten geld en dat hadden we nu net niet. Maar niet getreurd, we hadden er wat op gevonden als gewoonlijk.

We hadden Appie de sloper. Tegen het huidige licht zou hij een van de grootste milieuvandalen ter wereld zijn, want afgewerkte olie ging recht de put voor het zijn afgelegen terreintje in en accu’s werden er ook in leeg gekiept. De resterende benzine verdween in onze auto’s en de dieselolie hielt Appie zelf om in zijn oude Mercedes cabrio te gooien. (die nu een vermogen waard zou zijn) Waar wij een dieselmotor in gebouwd hadden voor hem. Wegenbelasting betaalde toch niemand, dat deed je pas als je geflitst werd want dan had je nog twee dagen, en dieselolie was toen zo goed als gratis. En anders was er nog altijd huisbrandolie uit de tank in iemands tuin om je uit de brand te helpen. Stonk en rookte wel wat, but who cares. Wij niet in elk geval.

Appie woonde in een onbewoonbaar verklaarde woning aan de Arhemse Bovenweg, dat had je toen nog met zo een bordje erop. Er hing dan een bordje “Deze woning is onbewoonbaar verklaard” aan de gevel en dat was hij eigenlijk ook. Maar Appie had een talent. Indruk met zijn mooie auto op Zeister oudere en vaak vermogend dames maken dus zat Appie vaak in Spanje met zijn wisselende vlammen en sportwagen en hadden wij het rijk alleen.

En dan stelde wij uit de wrakken  een stel identieke auto’s samen. Nou ja, bijna identiek. Soms zat er een Fait motor in een Ford of zo, ik herinner me vooral nog de zeer hoogvermogende Fait 125 motor die ik in mijn Triumph Spitfire had geprutst. Met bijbehorende vijfbak en dubbele nokkenassen. Een snelheidscontrole had je toen nauwelijks en die zag je meestal staan door de twee slangen dwars over de weg, evenmin als alcohol controles en een maximum snelheid op de snelwegen. Hoe heb ik het in godsnaam allemaal heb overleeft weet ik niet , geen wonder dat mensen dachten dat ik dood was. Het is eigenlijk veel verbazingwekkender dat ik nog leef achteraf gezien.

En die agenten waren erg boos toen we met blokkerende remmen over hun slangetjes op de weg voluit remmend gingen want van hun apparaat was weinig over die meters verderop lag. Vooral het antwoord van André op het waarom is me altijd bijgebleven. Ik reed te hard, zag dat en dus maakte ik zo snel mogelijk een einde aan de situatie. Na lang beraad kwamen de woedende agenten tot de conclusie dat we gewoon mochten doorrijden na een scheldpartij over en weer over rotzooi op de weg waar mensen van schrokken als ze te hard reden  en het gezag ondermijnen. Ze konden ons uiteindelijk niks maken.

Maar goed, die bijna identiek auto’s had een reden. Want je kon zo kentekenplaten laten maken en wel net zoveel als je wilde. Ik mocht er van mijn moeder niet aan meedoen want zij vond het onverantwoord en betaalde dus mij verzekering. Maar wat deden die keurige Zeister jongens? Die reden met vijf, zes auto’s rijden op een kenteken! Dan betaalde je maar een keer de verzekering, en je kon het ene wrak met de onderdelen van de andere repareren uiteindelijk. En niemand had het door want ze parkeerde meestal in dezelfde straat met paar auto’s ertussen en niemand die het zag. En de politie controleerde immers alleen je rijbewijs (Later meer over rijschool Andre) en de verzekering. Je papieren mocht je de volgende dag laten zien op het bureau, wat meestal tot een opstootje van de aanwezige agenten leidde. En bekeuringen? Simpel, je kreeg een ponskaart thuisgestuurd. Een gaatje erbij slaan in het ACCU, het toenmalige computercentrum op de uithof, en de hele computer liep vast en je kreeg na twee maanden je centen teruggestort!

Non valeurs

Ik ben die gasten toch wel zo zat met hun interessant aandoende gelul over het niet nader te noemen project. Digitale voddenboeren, dát zijn het. Zag trouwens dat de juf ook weer op een demotiverende wijze losging op Sage met haar sokjes. Je ziet dat wel eens vaker, zo een huis met een vrouwtje erin uitpuilend van de vuilnis. En op het laatst komt het Leger des Heils langs om de boel uit te ruimen met het wijfje schreeuwend en ontroostbaar op de achtergrond omdat haar schatten een voor een de container in verdwijnen.

Op zich wel interssant om zo een proces eens van dicht bij  te volgen, maar compleet demotiverend om zelf nog wat te doen. En bovendien ben ik geen internetpsycholoog, noch een internetjurist. Een ICT-jurist heet dat zo mooi tegenwoordig, mag iedere gek zich noemen.  Kun je nog altijd een huisvrouwencursusje recht aan de open universiteit erachteraan volgen, lijkt het tenminste nog wat.

Mag ik ook doen, die cursus zag ik ben ik in drie jaar klaar en je hebt alleen een Havo diploma nodig. Heb ik dat dan? Jazeker! Op mijn drieëntwintigste gehaald. En Andre had een diploma van de School voor de Journalistiek. En Olav was uitvoerend kunstenaar nadat hij een pik met een hand die hem vasthield uit klei  aan een commissie geshowd had. Heeft nog jaren daarna aan de muur van het kraakpand Lambiek op de Slotlaan gehangen. En allemaal hadden we een studentenpas zodat we Whoulemelou in mochten. (Of hoe heette die tent ook al weer?) Ooit naar school geweest daarvoor? Och, wat zal ik zeggen, wie weet, maar eigenlijk niet. Behalve om te blowen en te dealen, blauw stond die school van de hash en aan het eind van het studiejaar woonde de meeste leraren samen met een meid uit de hoogste klas.

Hoe we er dan aan kwamen? Die mooie diploma’s? Met toeren bouwen en mijn moeder heeft keurig alle werkstukken en alles voor me geschreven en hoe dat verder zat vertel ik nog wel eens want het is toch allemaal verjaard na die veertig jaar. Trouwens, op mijn vijftigste verjaardag heb ik alles van schoolspul en diploma’s wat ik nog had door de papierversnipperaar gegooid, want het was toch nep. Welke school dat was? Kan ik beter maar niet zeggen, maar je had toen meer van dat soort scholen in en rond Zeist….

Tolkien

We waren nog niet zo lang daarvoor naar Zeist verhuist toen er plotseling een voor ons kinderen althans wonderlijk figuur de oprit opliep op een mooie zondag. Althans, het moet wel een zondag zijn geweest want wij zaten met zijn allen in de tuin. Een enorme luxe naar het benauwde flatje wat wij in Amsterdam op drie hoog achter eerst hadden. Maar ja, dat was toen niet anders, er was immers een woningnood en een wetenschappelijk ambtenaar verdiende heel slecht in die tijd. Maar mijn ouders waren allang blij dat ze een eigen huis hadden zo vlak na de oorlog.

Mijn moeder keek verheugd op en attendeerde mijn vader op de wonderlijke figuur in een zwart pak, met een hoedje op en een jas aan die daar stond. Vooral dat laatste was opmerkelijk omdat het warm was die dag. De persoon werd uitgenodigd om er bij te komen zitten en binnen een korte tijd waren mijn vader en de wonderlijke verschijning in een diep gesprek verwikkeld nadat hij mijn oudste broer een pot honing had gegeven en zijn zwarte paraplu in de grond had gestoken. Het was Tolkien, die besloten had onaangekondigd zijn oud-student eens op te zoeken. Hij had spontaan de boot naar het continent genomen en daarna de trein en was van station Driebergen naar ons huis komen lopen.

Ja, de graaf zijn wiegje is omringt geweest door latere grote professoren. Als klein kind had ik al op schoot bij Tolkien gezeten en waren wij op een vakantie naar Engeland bij hen thuis geweest. De enorme high tea die zijn vrouw gemaakt had is mij altijd bijgebleven. De mannen zijn altijd bevriend gebleven, Tolkien en zijn vrouw hebben zich in de tijd dat mijn ouders in Oxford woonde altijd over hen ontfermt.

Het was het idee van de filoloog Harting dat mijn vader bij Tolkien in Oxford ging studeren in het kader van het zogenaamde Hartingprogramma. Harting, de oud-gymnastiek leraar die een geweldige scout was achteraf. Engels spak hij zelf met een verschrikkelijk accent, ik herinner me nog mijn vaders Harting-imitaties die accentloos Engels sprak omdat hij in Engeland was opgegroeid. But Gwyy, gwyyy was tat? Met de u uitgesproken als u in butter. Maar al zijn leerlingen zijn wel later hoogleraar geworden. Mijn vader, Verhoeff, Vos, noem maar op.